Cultuur Palawan

De cultuur op Palawan kenmerkt zich door de verschillende invloeden van culturen die door de eeuwen heen verweven zijn met de al bestaande culturen op het eiland.

Inhoudsopgave

  • Introductie
  • Cultuur Palawan
  • Stammen op Palawan

Introductie

Palawan wordt ook wel de bakermat van de Filipijnse samenleving genoemd. Dit komt door de vondst van menselijke overblijfselen in een grot op Palawan, genaamd de Tabon grot. In deze grot zijn door een team van antropologen kunstwerken en verschillende menselijke botresten gevonden die vermoedelijk meer dan twintigduizend jaar oud zijn. Men denkt dat de Tagbanua en de Palawano, twee nog bestaande stammen op Palawan, directe afstammelingen zijn van de Tabon mensen.

Archeologen hebben vastgesteld dat ongeveer vijfduizend jaar geleden de overledenen op Palawan in potten begraven werden. Er zijn ongeveer vijftienhonderd begrafenispotten en een muurschilderij van een begrafenisoptocht teruggevonden. De begrafenispotten werden mooi versierd. De Manunggul pot behoort tot een van de mooiste kunstobjecten uit de pre-koloniale periode in de Filipijnen. Tot vijfhonderd jaar na Christus werden er mensen in potten begraven op Palawan.

De Tagbanua en de Palawano stammen kregen in de loop der eeuwen te maken met invloeden van verschillende culturen. Dit kwam door de onrustige periode in China tussen 220 en 263 na Christus. In die tijd waren er veel oorlogen in China. De bewoners van Zuid-China sloegen voor deze oorlogen op de vlucht en verspreidden zich over de verschillende eilanden in Azië, waaronder de gemeente Palawan. Deze mensen stonden bekend als de Aetas en de Nigritos, kleine donkere mensen, waaraan de Batak stam gerelateerd is.

Op Palawan was er inmiddels een onofficiële regering en er was een soort van alfabet. Ook werd er handelgedreven met zeelieden uit China en Maleisië. Dit blijkt uit de vondst van potten, chinees aardewerk en andere gebruiksvoorwerpen. De eerste officieel beschreven handelsrelatie was die tussen de bewoners van Palawan en handelslieden uit China. Er is een verslag van een handelsreis teruggevonden die uit 982 na Christus dateert. Vooral zwaluwnesten waren een gewild handelsobject voor de Chinezen.

In de twaalfde eeuw was er een toestroom van migranten uit Maleisië die de economie op het eiland in een stroomversnelling brachten door de kennis van de landbouw. De Maleisiërs gingen verschillende gewassen verbouwen en hielden varkens, geiten en kippen. In de dertiende eeuw kwam een nieuwe stroom migranten uit Indonesië, die het Boeddhisme en het Hindoeïsme met zich mee namen.

Het zuiden van het eiland Palawan ligt tegen Borneo aan waardoor het zuiden onder gezag stond van de sultan van Brunei. Hier werd de Islam geïntroduceerd.

In deze periode groeide de handel en werden huwelijken gesloten tussen de oorspronkelijke bewoners en mensen met een Chinese, Japanse, Arabische of Indische achtergrond.

De grote verandering in de cultuur op Palawan kwam toen de Spaanse ontdekkingsreiziger Ferdinand Magellan op 16 maart het eerste eiland op de Filipijnen ontdekte. Magellan verspreidde het christelijk geloof onder de toenmalige bewoners. Lapu-Lapu, de heerser van Mactan, weigerde dit. Magellan werd dodelijk verwond in de daaropvolgende slag bij Mactan en slechts een handvol overgebleven Spanjaarden konden vluchten.

We weten nu veel over deze periode door Antonio Pigafetta. Hij was een geleerde uit Venetië die met Magallan meevoer op ontdekkingsreis. Hij heeft veel dingen beschreven, onder andere over de verschillende culturen en de samenleving op Palawan. Pigafatta schrijft in zijn kronieken over de verschillende inwoners van Palawan. Ook beschrijft hij het overheidssysteem, de verschillende talen, de manier van handel drijven, de wapens, de hobby’s en de natuur. Zo beschrijft Pigafatta dat de mensen gebruik maken van speren en blaaspijpen. Ook beschrijft hij de taal, die volgens hem uit drie klinkers en dertien medeklinkers bestond. Ook beschrijft hij een dialect met bijna achttien lettergrepen. Ook beschrijft hij verschillende sport en spellen waaronder vuistgevecht en hanengevecht.

Cultuur Palawan

De cultuur op Palawan kan het beste beschreven worden als kleurrijk en divers. Door de eeuwen heen zijn er verschillende groepen mensen met verschillende culturele achtergronden naar Palawan toegekomen om er een nieuw bestaan op te bouwen. De reeds aanwezige stammen kregen te maken met verschillende culturen uit onder andere China en Maleisië. Deze migranten brachten kennis met zich mee waardoor onder andere de landbouw op het eiland in een groeiversnelling kwam. Naast kennis namen deze migranten ook nieuwe gewoontes met zich mee. Doordat er huwelijken plaatsvonden tussen de reeds aanwezige stammen en de migranten ontstond er een kruisbestuiving tussen de verschillende culturen. Dit heeft geleid tot een groot aantal culturen die in harmonie met elkaar samenleven.

Momenteel zijn er ongeveer vijfenzeventig verschillende culturen aanwezig in de provincie. Deze culturen zijn een smeltkroes van verschillende etnische groepen met invloeden uit Azië, Spanje en Afrika. Deze mix van verschillende culturen heeft tot een unieke, kleurrijke cultuur geleid die je nergens anders aan zult treffen.

De cultuur op Palawan kenmerkt zich door een verscheidenheid aan verschillende talen, geloven, festivals, kunstvormen en de verschillende stammen.

Festivals

Er worden verschillende festivals gehouden in de provincie Palawan. Hieronder vind je de bekendste.

  • Awarded festival
: Dit festival wordt gehouden van 23 tot 27 januari in Port Barton en is gericht op het laten zien van de schoonheid van het land
  • Baragatan festival
: Dit festival wordt gehouden twee weken voor foundation day (23 juni). In dit festival komen verschillende culturen samen in verschillende parades en markten.
  • Kulambo festival
: Dit festival wordt gehouden op iedere 18e dag van maart in El Nido. Dit is een festival waarbij mensen dansen in de straten van El Nido waarbij ze een Kulambo (muskietennet) gebruiken als kostuum.
  • Pasinggatan festival
: Dit festival wordt gehouden van 25 april tot 4 mei in Taytay. Het festival betekent schijn of straal. De bedoeling van het festival is dat iedereen zijn talenten kan laten zien. Veel dans en lekker eten.
  • Puerto Princesa city Foundation day
: Dit festival wordt iedere vierde dag van de maand gehouden in Puerto Princesa stad met verschillende activiteiten op het gebied van cultuur en sport. Er zijn verschillende markten, zang en dans en lekker eten.

Kunst

Palawan heeft een nationaal museum waarin de verschillende kunstobjecten van het eiland te bezichtigen zijn. Het museum bevindt zich in Puerto Princesa.

Religie

De meest voorkomende religie op Palawan is het Rooms-Katholicisme. Naast het Rooms Katholieke geloof is ook het protestante geloof goed vertegenwoordigd in de provincie. Verder kom je vooral in het zuiden van het eiland Palawan het islamitische geloof tegen. Ook het boeddhisme is op Palawan vertegenwoordigd. De verschillende stammen, waaronder de Batak en de Tagbanau hangen een animistisch geloof aan of zijn overgestapt naar een christelijke geloofsrichting.

Talen

Er worden ongeveer 52 talen en dialecten gesproken in de Provincie waarbij Tagalog en Cuyonon de belangrijkste twee talen zijn.

Stammen op Palawan

Palawan is ook de thuisbasis van een aantal inheemse stammen. De bekendste stammen zijn de Tagbanua, de Palawano, de Taaw’t Bato, de Molbog en de Batak. Daarnaast zijn er ook nog wat minder bekende stammen waaronder de Agutayanos, de Ken-Uys, de Calamianes, de Cagayanos en deJama-Mapuns. Al deze verschillende stammen, waarvan sommige klein in aantal, spelen een belangrijke rol in het cultureel erfgoed van Palawan.

Hieronder worden de bekendste inheemse stammen kort besproken. Daarnaast is er ook een uitgebreider artikel van iedere stam te lezen.

Batak

De Batak stam leeft in het noordelijke deel van de provincie Palawan. De Batak stam dankt zijn naam aan de Cuyonons. In hun taal betekent Batak ‘mensen van de bergen’. De Batak mensen zijn van nature vredelievend en verlegen. Ze staan dicht bij de natuur en gebruiken de natuurlijke rijkdommen van het land om te voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.

De Batak mensen worden ook wel aangeduid als Tinitianes. Men vermoedt dat de Batak nauw verwant is aan de Negrito stam. Dit komt onder andere door uiterlijke gelijkenissen, zoals het kort krullend haar en de donkere huidskleur.

De Batak mensen zijn over het algemeen jagers. Daarnaast verbouwen ze wat gewassen. Dit gebeurt nog op de ouderwetse manier. Dat betekent dat er een stuk bos omgehakt wordt en daarna verbrand. Hierdoor ontstaat vruchtbare grond waarop ze hun gewassen verbouwen. Ook handelen ze met anderen om aan de producten te komen die ze zelf niet hebben. De Batak mensen zoeken rotan, honing en rozijnen in het oerwoud die ze dan verhandelen tegen andere producten. In de geschiedenis hadden de Batak stammen goede handelsbetrekkingen met de Chinezen.

De Bataks hebben een animistisch geloof wat betekent dat ze geloven in geesten. De twee belangrijkste geesten zijn de Diwata en de Paneyon. De Bataks geloven dat het mohelijk is om met deze geesten te communiceren. Dit gebeurt via de Babaylan. De sjamaan behandelt ziektes binnen de Batak stam door zichzelf in een trance te brengen.

Doordat veel mensen uit de Batak stam liever buiten hun eigen gemeenschap trouwen is de van oorsprong pure Batak zeldzaam geworden. De Bataks leven een zwaar leven en doordat er steeds minder land is waarvan ze kunnen leven neemt het aantal Batak mensen sterk af.

Cuyonon

De Cuyonons kom je tegen in de noordelijke en centrale delen van het eiland Palawan. Men vermoedt dat de voorouders van deze stam uit Maleisië en India kwamen waarna ze zich op en rond de Cuyo archipel hebben gevestigd. De Cuyo eilandengroep ligt in de Sulu zee en behoort tot de Provincie Palawan. Vanuit dit eiland hebben ze zich verspreid over de verschillende eilanden in de buurt. Een groot aantal Cuyonons wonen in en rond de hoofdstad Puerto Princesa.

De Spanjaarden hadden, ten tijde van de Spaanse bezetting, een basis op het eiland Cuyo. Hierdoor kwamen de Cuyonons al vroeg in contact met het christelijke geloof. Veel Cuyonons zijn dan ook rooms katholiek of protestants. Daarnaast heeft ook het animisme een plek in deze cultuur behouden.

De Cuyonons geloven in interculturele huwelijken. Daardoor zijn de Cuyonons een mengsel van verschillende culturen. Zo kom je onder andere Arabische, Joodse, Maleisische, Indiase, Spaanse en Chinese invloeden tegen. Ook vinden er huwelijken tussen de verschillende stammen plaats waaronder de Bataks, Palawans, Cagayanens, Tagbanuas, Molbogs, Parianean, Agutaynons.

Deze mensen noemen zich de Palaweños. De Cuyonons zijn de elite klasse onder de Palaweños. De Cuyonon stam heeft tien sub-stammen die allen onder het gezag van stamhoofd Datus vallen. Veel Cuyonons zijn politiek actief en zijn op zoek naar roem en succes. Zo was de eerste miss Filipijnen een Cuyonon en behoorde de eerste vrouwelijke ambassadeur van de Filipijnen ook tot de Cuyonon stam.

Het grootste gedeelte van de Cuyonons houdt zich vanaf oudsher bezig met de handel op zee en de visvangst. Ze hadden al contact met Chinese handelaren die op zoek waren naar zwaluwnesten. De Cuyonons hebben een eigen taal: het Cuyonon.

Molbog

De Molbog stam kom je tegen op het eiland Balabac. Balabac is een eiland ten zuiden van het eiland Palawan. De Molbog worden ook wel Molebuganon en Molebugan genoemd. Molbog is afgeleid van het woord Malubog, wat troebel water betekent.

Men vermoedt dat de Molbogs migranten zijn uit het noorden van Borneo. Aan de noordoostelijke kust van Sabah leeft een endemische groep mensen genaamd de Orang Tidung pr Tirum. Dit is een islamitische gemeenschap die veel gelijkenis vertoont met de Molbogs met betrekking tot cultuur en tradities. Ook komen veel woorden overeen met Tausung en Sama talen. De basistaal op Balabac is Molbog.

Tegenwoordig vinden er steeds meer huwelijken plaats tussen de Molbogs en de Tausung stam. Dit komt onder andere omdat deze twee culturen veel op elkaar lijken. De kinderen uit deze huwelijken worden kolibugan (halfbloed) genoemd.

De Molbogs hebben een Islamitische geloofsovertuiging. Men vermoedt dat dit komt doordat Balabac vroeger bij het Sulu Sultanaat hoorde. Hierdoor zijn veel Molbogs bekeerd tot de islam. Ook het christelijke geloof is vertegenwoordigd onder de Molbogs. Dit komt omdat christelijke leraren de bijbel hebben onderwezen en zo deze religie hebben weten te verspreiden onder de mensen op Balabac.

De belangrijkste vorm van inkomen is de visserij en de landbouw. Ook ruilhandel komt hier veel voor met mensen uit Sabah en Sulu.

Palawano

De Palawano stam, ook wel aangeduid als Pala’wan, leven in de hooglanden van het zuiden van Palawan en behoren tot een van de oudste bevolkingsgroepen van het eiland. De Palawano mensen lijken sterk op de Tagbanau mensen. Men vermoedt dat ze beiden afstammen van dezelfde voorouders maar zich hebben afgesplitst van elkaar doordat ze in verschillende gebieden op Palawan gingen wonen. De Palawano mensen gingen op hun landerijen in het zuiden van het eiland wonen. Om deze reden staan ze ook wel bekend als Traan’, wat ‘mensen van verspreide plaatsen’ betekent.

De Palawano gemeenschap heeft verschillende subgroepen. Een van de meest bekende is de Taaw’t Bato. Ook wordt gedacht dat de Ke’ney afstammen van de Palawano mensen. Ke’ney betekent ‘dikke mensen stroomopwaarts’.

De meeste Palawano mensen zijn arm en verdienen hun levensonderhoud door middel van het telen van rijst. Er zijn ook Palawano’s die zich bezighouden in de mijnbouw en bosbouw. De Palawano’s zijn bedreven jagers. Er wordt nog gejaagd op een oude traditionele manier. Dit betekent met een bamboe blaaspijp en pijltjes. De meeste Palawano mensen gaan niet naar school.

De Palawano stammen hebben verschillende religies. De meeste hebben een animistisch geloof, maar er zijn er ook die een mix hebben tussen islamitische en hindoeïstische overtuigingen. Anderen hebben weer christelijke overtuigingen en komen samen in kerken die al sinds lange tijd op hun land staan.

De belangrijkste taal onder de Palawano gemeenschap is Palawano. Het nieuwe testament is zelfs vertaald in deze taal.

Palaweños

De Palaweños bestaan uit twee subgroepen. Dit zijn de Agutayanon & Cuyonon. De Cuyonons worden beschouwd als de elite, terwijl de Agutayanons de lagere klasse vormen.

De levensstijl van de Agutayanons is eenvoudig. De belangrijkste bron van inkomsten is de landbouw. De Cuyonons zijn meer gedisciplineerd, religieuzer en ambitieuzer.

De voornaamste religie is het christendom met het animistische geloof.

Taaw’t-Bato

De Taaw’t-Bato zijn een kleine gemeenschap behorende tot de Palawano stam die leven in een krater van een uitgedoofde vulkaan tijdens bepaalde perioden van het jaar. De Taaw’t-Bato stam woont in en rond het Singnapan dal in het oosten van Palawan en aan de kust in het noorden van Quezon. Ze wonen van oudsher in huizen gemaakt in grotten. Vandaar de naam Taaw’t Bato, wat ‘mensen die wonen op de rots’ betekent.

De Taaw’t-Bato zijn creatieve mensen. Dit zie je terug in de kleding, in de werkzaamheden en in het bouwen van hun huizen. De kleding is nog steeds primitief en de Taaw’t-Bato dragen niet zoveel kleding. De vrouwen dragen rokken gemaakt uit een stuk doek die hun onderlichaam bedekt. Ook dragen vrouwen soms een blouse, maar dit is niet traditioneel. Mannen daarentegen dragen een string van schors en doek. Ze zijn bedreven in het maken van manden. Ook wordt er een roosterwerk van jonge bomen gebruikt om dienst te doen in de grotten als deur, slaap platform en graanschuur.

De meeste Taaw’t-Bato mensen werken in de landbouw. Ze verbouwen een grote verscheidenheid aan gewassen waaronder zoete aardappel, malungay, peper, suikerriet, knoflook, ananas, squash, snijboon en tomaten. De Taaw’t-Bato hebben een koolhydraatrijk dieet wat aangevuld wordt met varkensvlees. Daarnaast wordt er handel bedreven. Dit kan zowel gaan om ruilhandel (sambi) als de handel voor geld (Dagang). De Taaw’t-Bato handelen in vis en producten uit het bos waaronder rotan en almaciga.

De Taaw’t-Bato leven in een complexe gemeenschap. Allereerst is er een huwelijksgroep: een man en een vrouw. Deze wonen samen met meerdere familiegroepen. Dit wordt een bulum-bulum genoemd. Deze delen vaak een dezelfde grot of hetzelfde huis en zijn in feite multi-huishoudens. Het basisprincipe van deze huishoudens is dat men alles onderling deelt, voornamelijk eten.

De Taaw’t-Bato houden van muziek. De muziek wordt gemaakt met behulp van twee muziekinstrumenten. De kudlong en de kubing. Men vermoedt dat het voor een groot deel animistisch geloof is met wat christelijke geloofsinvloeden.

Om deze cultuur te beschermen heeft de Filipijnse overheid het toerisme afgeschermd van deze mensen. Toch lukt het niet om de steeds verder oprukkende ontwikkeling bij deze mensen uit de buurt te houden.

Tagbanua

De Tagbanuas, ook wel Tagbanwas genoemd, zijn de afstammelingen van de Tabon mensen. Dit waren de eerste bewoners van Palawan. Tagbanua betekent ‘mensen van de wereld’ en zij wonen in het midden en in het noorden van Palawan. De Tagbanuas uit het centrale deel van Palawan wonen in het westen en de oostelijke zijde van het kustgebied van het eiland Palawan, terwijl de Calamian Tagbanua wonen op de eilanden Coron, Linapacan en Busuanga.

De Tagbanua verbouwen rijst, wat ze beschouwen als een geschenk van god. Om hun god te eren is er een rijstwijn ceremonie, Pagdiwata genoemd. Geesten en zielen spelen een integraal onderdeel in de cultuur van de Tagbanua. Volgens de Tagbanua is er een sterk verband tussen de levende op deze wereld en de overledenen. In het geloof zijn er verschillende goden en godinnen. Hier worden jaarlijks festivals en feesten voor gehouden. Een jager krijgt, voordat hij gaat jagen een ‘mutya’, een soort amulet, voor geluk.

De Tagbanua voorzien in hun levensonderhoud door het maken van manden en houtsnijwerk. Ze zijn goed in het vervaardigen van mooie lichaamsaccesoires, waaronder kettingen, armbanden, enkelbanden en kammen. Deze worden gemaakt van koper hout, messing en kralen. Ook verbouwen ze mais, zoete aardappel en cassave.

De Tagbanua spreken verschillende talen waaronder Tagalog, Aborlan Tagbanwa, Centrale Tagbanwa en Cuyonon. Ook spreekt men Palawano. Hoewel er verschillende dialecten gesproken worden, verstaan de stammen elkaar goed.

De Tagbanua hebben verschillende instrumenten uitgevonden die ze bij optredens gebruiken.  Zo wordt er onder andere gespeeld op de harp, de drum en verschillende fluiten waaronder mond en neusfluiten. Sommige optredens zijn religieus van aart maar andere zijn tijdens bijeenkomsten en feesten. Er zijn traditionele dansfeesten waarbij er verschillende groepen dansers zijn. Zo zijn er dansgroepen die alleen uit mannelijke dansers bestaan en heb je solo dansen van vrouwen. De Tagbanua zijn liefhebbers van drama wat ze tot uiting laten komen in het nadoen van verschillende dieren tijdens voorstellingen.

Pigafetta schrijft in zijn kronieken dat de Tagbanua mensen houden van koperen ringen, messen, dikke houten pijlen, toeters en kettingen. Zij bouwen ook vishaken door middel van ijzerdraden.